Maandag 23 april 2001,
Ik moet me om 14.00 in het AZM melden zodat er nog bloedgeprikt kan worden en
nog meer van dat soort toestanden.
Op de afdeling gekomen maken we kennis met Judith, zij zal ons de komende
dagen begeleiden. We merken dat ze wat zenuwachtig is en dat is natuurlijk niet
meer dan normaal. Ook al is de situatie waarin wij zitten "dagelijkse
kost" voor verpleegkundigen op deze afdeling, het blijft moeilijk. Gelukkig
kunnen we daar gewoon lekker over praten en begin ik mij al wat meer op mijn
gemak te voelen, al blijf ik op mijn hoede...heb nog steeds het gevoel dat dat
nodig is. Ik ga naar beneden om bloed te prikken en dat is het dan...wachten op
de arts die de sectio uit zal voeren en de anaesthesist. Wat we allebei erg
prettig vinden is dat ik op een een-persoonskamer lig. Niet zozeer omdat ik geen
mensen om me heen wil hebben maar omdat het gewoon heerlijk rustig is.
Nadat de arts en de anaesthesist zijn geweest weet ik het zeker; morgen wordt
een lange dag...Er wordt verteld dat ik de volgende dag direct om 8.oo aan de
beurt ben. Het kan voorkomen dat er een spoedgeval tussenkomt maar dat is met
HOGE uitzondering. Ik begin al te lachen, wat mij overigens niet in dank wordt
afgenomen, gooi meteen in de groep dat het dan wel middag zal worden ipv
ochtend. Dit wordt in alle toonaarden ontkend, ik zie het veel te zwart. Nou,
laat mij maar zwartkijken, ik vind het wel even goed zo. Wat een complete
openbaring was, was het bezoek van de assistent van de arts-assistent. Of hij
even mocht meten. We vroegen hem nog of hij een trui ging breien...Ik vond het
zo'n stom gezicht, dat metertje en dan dat zenuwachtige hoofd erboven. Iets aan
de kleine kant, was zijn oordeel. Wat nou, aan de kleine kant. Punnikje groeide
te snel, was eerder te groot dan te klein en zeker niet aan de kleine kant. Maar
ja, je gaat toch niet onbeleefd worden he, het blijft een dokter (in spe).
DUS....laten voor wat het is en afwachten..
Na 22.00 mag ik niet meer eten en na 24.00 niet meer drinken. Ik ben zo met
andere dingen bezig dat ik er niet meer aan denk nog iets te eten rond een uur
of 21.00. Dat mij dat de volgende dag nog duur zou komen te staan realiseer ik
mij pas nadat Punnikje geboren is.....
We krijgen een rondleiding op neonatologie. Theo, de verpleegkundige neemt
ons onder zijn hoede en vraagt of we al iets weten. Ik vertel van mijn stage op
neonatologie in Kerkrade en eigenlijk maakt dat geen biet uit want voor Martin
moet hij dan toch bij het begin beginnen. De IC, High Care, de Medium Care,
alles laat hij ons zien. Alle vragen die er nog zijn, stellen we en hij verteld
meteen dat hij ons kindje morgen op zal vangen. Fijn dat we daar alvast een
gezicht bij hebben.
's Avonds wordt er nog een CTG gemaakt en Punnikje doet gewoon wat hij altijd
doet als er een CTG gemaakt wordt,...niks...geen trapje, geen hikje, he-le-maal
niks. Totdat de band er weer van afgaat. Maar ach, we weten onderhand dat dat
helemaal niks wil zeggen dus we wachten lekker af tot morgen.
Ondertussen wordt de mededeling gedaan dat ik niet bekend ben op de bloedbank
van het AZM. Waarschijnlijk is mijn bloed ergens verdwenen of op een andere
manier niet meer aanwezig. Overnieuw prikken dus. De verpleegkundige komt met
haar attributen en er wordt geprikt....mis, fout, er komt niks. Andere arm dan
maar...ook niks. Dan wordt er een assistent opgepiept en die besluit het boven
op mijn arm te proberen...hardstikke donkerblauw wordt mijn arm op de plek waar
deze geweldige man mij prikt. Maar goed, het lukt nu in ieder geval wel.
Martin gaat al op tijd naar huis, want morgen wil hij al om 7.00 aan mijn bed
verschijnen. Ik slaap slecht, kan mijn lig niet vinden en Yorrin is erg
onrustig. Ben erg nieuwsgierig naar hoe hij eruit zal zien...
Dinsdag 24 april 2001
Martin is inderdaad al om 7.00 bij me en we wachten totdat ze met de
blaascatheter en infuus komen. Om 7.30 komt Judith vertellen dat er iets tussen
is gekomen het zal ongeveer 9.30 worden....Ze wil wel meteen de catheter en het
infuus inbrengen, kan ik meteen naar boven als het toch nog eerder gaat
gebeuren. De blaascatheter zit er na 20 minuten eindelijk in en het infuus komen
ze met drie man sterk inbrengen. Zeker bang dat ook dat niet helemaal lekker
gaat lopen....
Om 9.30 horen we dat er een spoedsectio tussen is gekomen, het zal wel
11.00 worden. Ook die mededeling laten we maar over ons heen vallen, al
zeggen de verpleegkundigen al dat ze onze kamer bijna niet meer op durven komen
omdat ze het zo rot vinden...Na drie kwartier komt Judith. We denken dat ik naar
boven mag maar nee, nog een spoedgeval, het wordt verschoven naar de late
middag. Nu wordt ik toch langzaamaan boos. Ik heb hoofdpijn van de honger, het
infuus klopt niet, want dat irriteert en ik krijg het gevoel dat er met me
gesold wordt. Maar dan hoor ik in een keer over de gang jubelen dat ik naar
boven mag.....het is inmiddels al 13.30....
Op de o.k aangekomen moet ik even afscheid nemen van Martin, hij krijgt ook
een groen pakje aan. Ik wordt klaargemaakt voor het grote avontuur en de anaesthesist rijdt me naar de volgende o.k.ruimte. Hier wordt het me echt te
veel. Ik zie die ruggenprik niet zitten en ik zie alleen maar groene mensen,
waarvan ik alleen maar de ogen zie, die heel druk zijn met van alles en nog wat.
Ik krijg plakkers op mijn borst, een knijper op mijn duim en een bloeddrukmeter
om. De anaesthesist en zijn assistente vangen mij op en praten over hetgeen dat
komen gaat. Vertellen me dat Martin achter het glas al klaarstaat en zo naar
binnen mag komen. Maar eerst dus die prik. Ik moet goed voorover gaan hangen en
mijn rug zo bol mogelijk maken. En toen...toen niks...ik voelde er niks van.
Even een rottig gevoel in mijn onderrug, maar dat was het dan ook wel. Ik wordt
weer teruggelegd op het smalle bedje en dan komt Martin er ook bij. Ik krijg
het heel erg koud en bibber zowat van het bed af. Dr. Offermans komt binnen en
dat geeft al wat meer rust. Voor me krijg ik een soort van tent en Martin vraagt
of een van de assistenten foto's wil maken als onze zoon geboren wordt. Na een
minuut of 10 voel ik "getrek" bij mijn onderste rechterrib. Het blijft
vreemd hoor, mensen die in je lichaam bezig zijn terwijl je gewoon bij kennis
bent. Martin staat even op en verteld dat Yorrin geboren is. Het is 14.10. Dr.
Offermans verteld dat hij wat klein is maar dat hij huilt en doet wat hij moet
doen....ik moet er om lachen. Martin loopt met de verpleegkundige mee die Yorrin
vast heeft en blijft bij Yorrin terwijl de kinderarts hem meteen helemaal
nakijkt. De eerste keer dat ik Yorrin zie, ligt hij in de couveuse vlak voordat
hij snel naar beneden wordt gebracht. Ik zie alleen maar twee hele grote zwarte
oogjes....en zijn formaat...hij is wel HEEL erg klein. Maar goed, voor Yorrin
wordt nu gezorgd en ik moet me er bij neerleggen dat ik hem pas over een uur
weer terug zie. Om ongeveer 14.30 kom ik op de recovery. Ze vragen hoe het met
me gaat en ik kan maar aan 1 ding denken; iets te eten, ik heb echt berenhonger.
Er wordt om gelachen en er wordt me verteld dat dat pas overmorgen of zo wat
wordt....het zal toch niet waar zijn ?
Ondertussen komt Bart de recovery opgeslopen. Bart is een hele goede vriend
van mij en we kennen elkaar al van de brugklas. Bart werkt in het AZM en is
Martin op de gang tegengekomen. Ik ben zo ontzettend blij om hem te zien. Martin
is nog steeds beneden bij Yorrin en ik voel me behoorlijk alleen hier tussen
allerlei ijlende mensen. Tegenover me ligt een jongen die zijn liefde verklaard
aan de verpleegkundige die hem aan het helpen is....ik bedoel maar. Ik voel me
verder eigenlijk ook wel goed, maar weet dat ik pas naar beneden mag wanneer
mijn benen weer doen wat ik wil. Wachten dus maar meer...
Rond 15.00 kom ik naar beneden en daar zitten mijn moeder en Wendy en Wil al.
Pap is nog onderweg, die zat nog in Eindhoven. Ik wordt door Suraya, nog een
verpleegkundige, naar Yorrin gebracht en daar is ook Theo, gelukkig. Theo
verteld waar Yorrin allemaal aanligt en eerlijk gezegd gaat dat langs me heen.
Ik vind dat Yorrin erg rood is en dat kan wel kloppen; Yorrin heeft wat teveel
rode bloedlichaampjes. Martin en mijn moeder vinden het wel meevallen, vinden
hem helemaal het einde. Ik ook hoor, maar hij is zo klein. Als hij nu al
problemen gaat krijgen met zijn hart dan wordt het wel heel erg moeilijk. Hij
weegt 1870 gram !!
Als we terug op onze kamer komen is deze al helemaal versierd en zijn ook
John en Annie er al. Ik ben alleen maar heel erg moe en alle drukte merk ik niet
eens op. We zitten sinds tijden weer heel erg hard te lachen met elkaar en
er wordt ook heel wat afgejankt....opluchting dat Yorrin er is en dat hij zo
super is....
Pap komt de kamer op en Martin neemt hem meteen mee naar Yorrin. Theo heeft
het een en ander uitgelegd en mijn vader heeft de deurtjes van de couveuse
ontdekt. Als je die open maakt kun je Yorrin over zijn bol
aaien......ja,ja,....maar ik kan er alleen maar dolgelukkig mee zijn. Ik heb me
toch wel druk gemaakt over hoe mijn vader zou reageren. Het is allemaal zo
dubbel.....
Ik mag dus echt niks eten en krijg Lemon Swaps, voor de
niet-verpleegkundigen; dat zijn wattenstaafjes gedrenkt in een oplossing die
naar citroen zou moeten smaken. Je raadt het al, het smaakt naar
watten...hahahaha. Martin ziet onderhand groen en die stuur ik met nog wat
anderen naar het restaurant. De komende dagen zullen vermoeid genoeg zijn en
voorlopig zullen we nog heel vaak op en neer moeten rijden voordat Yorrin mee
naar huis zal mogen.....

inhoud